De wekelijkse column van Raymond Clement. Deze week: Tijd en Geld
Tijd is geld. Zaken zijn zaken. Voor eenieder die aan het einde van de jaren 70 een actief bewustzijn onderhield, zinnen die als belletjes een carillon vormen om de begintune van het kinderprogramma ‘de Berenboot’ te laten klinken. Een knorrige Kapitein en technische Brilbeer met zijn piefjes en palletjes, lopen over de wenkbrauw van onze herinnering. Fred de Kei was de zakenpief waarmee in het Zeemanshuis van Neel menige moraliteit met limonade werd weggespoeld.
Tijd is geld. Geweldig idee van L1 om de kinderseries van de ouders van nu, in te spreken in dialect, voor de kinderen van vandaag. Men maakt een begin met de Fabeltjeskrant. De kinderserie, niet te verwarren met een lokaal dagblad. De berenboot is een programma dat echter ook op dat lijstje thuis hoort. Leuke karakters, grappige verhalen. Onschuld. Spannend wordt het als het gaat om de keuze; welk personage spreek welk dialect? Bromt Brombeer beter in Bocholtzer plat? Klinkt de bokkenpruik van Brilbeer beter in Tegels, technisch gesproken? Maatje spreekt Maasbands, meestal. Waarom geen Maastrichts, vraagt de oplettende lezer zich af? De afleveringen duurden destijds maar vijf minuten. Vandaar. En Fred Kei raakt in accent onze grens met Brabant. Keigoed.
Tijd is geld. In Den Haag gaat het ouderwets weer over geld. Niet over herverdeling van de middelen onder mensen, maar over begrotingen en dekking. Stuiptrekkingen van een diep failliet neo liberalisme, in het waanbeeld dat groei en meer het ritme aangeven. We staan aan de vooravond van minder. Een beetje minder maakt ons beter. En dat kunnen we heel goed collectief verdragen als we de schaarste beter verdelen. Er zijn vele schouders die kunnen. Te weinig schouders die willen. Om die reden gaan schouders nutteloos onder politieke leugenachtigheid. Zo ook de beweging 2029. Geen partij, maar een beweging. Maar zeker de verkeerde kant op.
Mona Keizer als de verlosser. Men moet er niet aan denken als daadwerkelijk de heiland uit Volendam komt. De crucifix boven de deur zal moeten worden vervangen door een aquarium met een paling en het Te Deum wordt vervangen door Jan Smits grootste hit; als de morgen is gekomen. Met Mona Keizer zal er weinig morgen zijn. Sterker nog, het is te betwijfelen of we de avond halen.
Den Haag praat over geld. Wensen en en voorwaarden op individuele begrotingsposten. Lobby, pressie en onderhandeling. Tijd is geld. Het volledig versplinterd volk weerspiegelt in een Tweede Kamer vol scherven. Scherven die in dit geval weinig geluk brengen. Politiek die elkaars splinterpartij in het oog verwijt en de balk voor eigen hoofd niet meer ziet. Samenhang en volgorde is in geheel verdronken in eigenbelang en stokpaard.
Tijd is geld. Geld hebben we genoeg. Het is echter tijd waar het ons daadwerkelijk aan ontbreekt.
Zuid-Limburg
Column Clementie: Tijd en Geld
Zuid-Limburg